Stoffig nieuws

Het is maar een stoffig zooitje hier thuis, niet stoffig in de zin dat ‘k me al bijna oud en tot stof vergaan voel, nee zo nog niet.
Dat kan ook nog niet want het bejaardentehuis dat op zo’n 200 meter afstand staat wordt gesloopt ( daar kan ‘k alvast niet meer terecht 😉 ) om plaats te maken voor nieuwbouw en dat stoft heel behoorlijk, zeker als ’t flink waait en daarbij ook nog redelijk droog is.

Het tehuis was een flatgebouw van zo’n 13 verdiepingen, geheel van beton dus het duurt eventjes voor de stofwolken weer neerdalen, uh het hele gebouw gesloopt is en al die weken is men met man en betonschaar in de weer om de flat in kleine stukken te ‘knippen’

Berkenflat-293x212

Het stof ligt inmiddels als een dikke laag in onze vensterbanken en mochten we de illusie hebben dat we overdag ramen en deuren geopend willen hebben dan waait het stof naar binnen, dus laten we ze maar dicht, het helpt daarbij dat het toch te koud is om overdag te luchten 😉

In ieder geval: stof genoeg voor een blogpost

 

 

 

Blij ei

’t Is niet goed te praten! Je kan er van alles van vinden maar goedpraten? Niet doen.

Vorige week, op witte donderdag bij de grote boodschappen (in de super, duh) gingen we overstag, 2 zakjes paaseitjes lagen zomaar op de kassaband, het is echt heel lastig dat de supers zulke dingen vlak bij de kassa’s leggen maar vooruit het wordt tenslotte pasen.

images

Tot mijn dieprode schaamte moet ik bekennen dat de eitjes de paasdagen niet eens hebben gehaald ;( , zaterdag waren ze al op, erg he?

Vanwege het aminozuur tryptofaan dat van nature in chocola voorkomt en in het lichaam omgezet wordt als serotonine, een neurotransmitter die, kort door de bocht, depressies tegengaat, kon het me niet te veel schelen dat het paasweekeinde zulk koud takkeweer kende.
Ik was het hele weekend wel een blij (paas)ei.
Lekker zo’n lang weekend!

 

 

 

Traumavrij dankzij onderzoek ;)

Of het overlevering is of dat ’t echt mijn eigen herinneringen zijn, dat weet ‘k niet meer zo maar ik vond het veters strikken altijd een beroerde bezigheid, die rotveters gingen immers altijd zomaar weer los. Mijn moeder heeft wat zitten emmeren om mij aan m’n verstand te peuteren hoe ik veters moest strikken.
Ik heb dan ook GEEN veterstrikdiploma gehaald!

Pas nu blijkt, uit onderzoek, dat veters altijd los raken door een combinatie van stampen op de vloer en het tegelijkertijd opwippen van de uiteindes van de veters.

Pas nu, ruim vijftig jaar nadat ik het ooit leerde, ben ik dankzij de wetenschap van m’n veterstriktrauma af.7809a7d0b2e7a08f00cc733e5792657b Beter laat dan nooit hè, en dat door een verder toch onzinnig onderzoek, zou je denken.

 

Ow en als ik veterschoenen draag, leg ‘k er altijd een dubbele knoop in de veters, gaan ze ook niet los, ’t kost soms wel m’n nagels om die verrotte knopen weer los te halen 😉

 

Gemiste kans

Zo’n hekel als ik heb aan al die vragenlijsten om mijn klantervaring te verbeteren van diverse webwinkels, zo graag doe ‘k mee aan enquêtes van gemeente of provincie.

Van de week ook weer en deze enquête ging over “langer thuis wonen”, in het kader van de terugtrekkende overheid is het van belang dat je zo lang mogelijk zelfredzaam bent of zo veel mogelijk leunt op mantelzorgers, buren, kinderen en vrienden.

Dat bleek uit de manier zoals de vragen gesteld werden:
Bijv.: Heeft u kinderen? Verrichten uw kinderen huishoudelijke werkjes voor u en hoe vaak per week heeft u contact met het kind die het meeste voor u doet? Wat is de reisafstand tussen u en dat kind?
Zelfs de vraag of ik van plan was bij één van de kinderen in te gaan wonen, kwam aan de orde, en eigenlijk vind ik dat nogal een impertinente vraag.

online-geld-verdienen

Want wat als je kinderen overver wonen, of je hebt niet eens geen kinderen?

In deze enquête van het sociaal planbureau Groningen werd nergens gesproken over andere manieren om mantelzorg te organiseren, een gemiste kans, denk ik!

’t Blijft lastig, dat alfabet

Eén van de taken op mijn werk is het archiveren van offertes, afgewikkelde opdrachten en meer van die administratieve meuk. Niet alle klusjes zijn leuk ;(

Offertes en opdrachten zijn niet te moeilijk om op te ruimen, op nummer. Met de afgewikkelde opdrachten is dat iets lastiger, we hebben nogal eens te maken met verschillende opdrachtnummers in verschillende jaargangen bij dezelfde opdrachtgever en dan zijn nummers niet handig. Dus hang ‘k dergelijke mappen op alfabetische volgorde, klinkt logisch toch?

alfabet

Helaas komt het vaak voor de de logica ontbreekt, jantje hangt de mappen van de Vereniging van Eigenaren onder de V, pietje vindt dat zo’n map onder de E moet hangen en ik (zei de gek) ben de mening toegedaan dat deze map onder de B moet hangen van Beukenlaan (bijvoorbeeld)
Voor gemeenten en stichtingen geldt hetzelfde: Gemeente Amsterdam valt onder de A, bij ons niet hoor, men ruimt het gerust op onder G, want het is toch de gemeente die de opdracht heeft gegeven? Nee, het was gemeente A, die de opdracht verstrekte.

Moeilijk hè, alfabetisch rubriceren? Gelukkig zijn we niet met 20 man op kantoor, dan werd het pas echt lastig

 

 

 

 

Oude gewoonten

Vroegâh, tenminste in m’n herinnering ging de kachel er op 1april, nee heus geen grap, uit.

En dat ‘er uit’ kon je letterlijk nemen, de hele kachel werd van de schoorsteen losgekoppeld en tijdens de zomerperiode opgeborgen in de schuur of zowat. Het betekende in ieder geval dat er meer leefruimte in de voor- en achterkamer was. In de zomer! terwijl het boerenleven zich vooral buiten afspeelde, huh!
En van zodra de kachel er uit ging, begon mijn moeder aan de grote schoonmaak! Dagenlang poetsen, stofkloppen, kastjes uitnemen, dweilen, vegen, stofzuigen tot zelfs het witten van beroette wanden aan toe, het hele huis werd met bezemen gekeerd. En zodra het ‘voorhuis’ schoon was, bedacht pa dat de koeien ook het land in mochten en daarna moesten de stallen ook nog schoon. Dat laatste ging iets ruiger: met de hogedrukspuit (dat vond ik, zo klein ik was wel leuk om te doen) en dan was half mei ook het ‘achterend’ schoon. In zo’n zes weken was de voorjaarsschoonmaak aan kant.

loesje

Mijn eigen voorjaarkriebels beginnen eerder, ik wil graag voor de eerste ‘warme’ dagen het huis ‘zomerklaar’ hebben, in plaats van mattenkloppend geniet ‘k liever in een luie zomerstoel zittend van het aprilzonnetje.
En als ’t binnenshuis al te koud wordt gaat de verwarming ook na 1 april nog gerust aan.