Vaatdoekjes licht of donker

Ik gebruik nog altijd ouwerwetse badstofkatoenen vaatdoeken, deze kan ik fijn wringen en de huid van mijn handen raakt niet geïrriteerd zoals wel gebeurt met microvezeldoeken of die vieze gele huishouddoekjes. Verschrikkelijk vind ik ’t die dingen in de handen te moeten hebben.

Normaal gesproken gaat er dagelijks minimaal één in de was en da’s niet alleen omdat de vereniging van huisvrouwen dat adviseert, da’s meer omdat die doekjes nogal ruiken, om niet te zeggen stinken, na één dag gebruik. Die nattehondengeur onder de neus is niet fijn als je een broodje smeert of de sla wast. (en nee, ik droog de sla niet met datzelfde doekje)
Nu had ‘k onlangs een aantal nieuwe doekjes aangeschaft maar die zijn alweer bij de vodden beland ook, niet omdat ze kapot gewrongen waren, nee dat niet.

Deze doekjes kocht ik omdat het kleurtje zo leuk bij de keuken paste, hoe gek moet je zijn 😉 ? Maar precies vanwege de verfstoffen meurden deze doekjes nog sneller dan de gewone wit/grijs gestreepte. Eén keer een aanrecht ermee afdoen en zo’n stinkend geval mocht in de was. Ook vond ‘k ze minder goed te wringen. En zelfs in gebruik als droge doek bij het afdoen van de inductieplaat bleef de plaat streperig omdat die doekjes niet fijn opnamen.

Ik heb ’t gegoogeld en zo kwam ‘k ergens tegen dat de gebruikte verfstoffen, vooral donkere kleuren, het absorptievermogen van katoen doen afnemen. Voor mij dus in ’t vervolg geen door en door gekleurde vaatdoekjes en zelfs geen gekleurde droogdoeken meer, ik hou het bij lichte kleuren.

En zo ku’j zelfs een hele blogpost vullen over, nota bene, vaatdoekjes!

 

 

 

 

Nieuw serviesgoed

Eén stuk, zes nieuwe, was ooit het credo ten Knieperhuize. Niet dat ‘k er op stond dat één van de kinderen nieuw serviesgoed kocht als er per ongeluk een bord of beker genekt was bij de afwas, ’t was vooral bedoeld om aan te geven dat ze beter zuinig moesten omspringen met dergelijke spullen.

En waarom zes en geen 4 of 8, ’t zal te maken hebben gehad met mee-eters, vrienden van de jeugd die vaak mee-aten.

Ik gebruikte deze opmerking, trouwens enkel en alleen in geval drinkglazen of andere serviesstukken kapot vielen. Voor cd’s, lp’s of, om de zijstraat te nemen, ritsen van kledingstukken gold het vanzelfsprekend niet, nee zeg, wat doet een mensch met 6 dezelfde vazen of zelfs 6 fruitschalen.

Toen dochter verhuisde en ze haar eigen serviesgoed liefst wilde weggooien, want niet haar smaak en bovenal een allegaartje, kreeg ze van mij de restanten van het servies waar ze ooit dagelijks van had gegeten toen ze nog thuis woonde. Dat servies kon ze tenminste appreciëren, ze gebruikt het nog steeds.

Zelf kocht ik een andere set, just for fun. De borden van deze set waren, zeker als ze nat werden, zo glad dat ze inmiddels, op twee na uit de handen zijn gegleden.

Dit weekend kocht ik daarom zelf nog maar eens een nieuw stel borden. Wel 6 stuks, dat wel.

Een mensch moet tenslotte toch een beetje trouw blijven aan oude principes.

Jantje zag eens appels hangen

Hoe lang zal ’t geleden zijn dat er een aantal enthousiastelingen bedachten dat de wijk waar ‘k woon een ‘eetbare’ wijk zou moeten worden. Een paar jaar geleden alweer en ik haalde destijds een appelboom, door de gemeente graties gegeven, die door Knieperman in een stukje gemeentegrond achter ons huis werd gepoot. Een hoogstam Elstar appelboompje toen net aan 2 meter hoog.

Al het tweede jaar kwam er een flinke oogst af, niet dat we daar zelf iets aan hadden want de meeste appels werden door passanten geplukt en naar ik hoop ook gegeten.

Intussen werd het boompje een flink uit de kluiten gewassen boom van bijna 3 meter en vorig jaar bleven er daarom nogal wat appels hangen, tja niet iedereen is van zichzelf zo lang dat ie de appels uit de hogere sferen van zo’n hoogstamboom kan plukken.

Toen de laatste appels afgevallen waren, ging Knieperman te werk om de boom zo te snoeien dat er een soort van laagstamboom overbleef.

Een hovenier uit de buurt, dezelfde die de boompjes ooit aan de gemeente leverde, stond er hoofdschuddend bij: zo moesten appelbomen niet gesnoeid worden.

Maar dit is het resultaat:

20190531_1726214624306699470950699.jpg

Een boom zo vol met appels, daaraan mist men één, twee takken niet 😉

Een mensch is nooit te oud

Soms is het zo verdraaid moeilijk om de juiste keuze te maken!

Zoals vorige week, ik wilde een recept maken waarin komkommer een toch wel essentieel onderdeel van het gerecht zou zijn en heel toevallig stonden we toch in de supermarkt dus die komkommer moest het probleem niet zijn.

Die komkommer was ook niet het probleem, het echte probleem was de plastic verpakking waarin de komkommers gestoken waren en als ‘k het kan voorkomen, dan vermijd ik dergelijke onzinnige plastic verpakkingen. Komkommers worden echt niet beter van het zweten in zo’n plastieken condoom. De gewone komkommer liet ik gerust links liggen, ik zocht wel naar de biokomkommers, helaas ook die komkommers werden verpakt verkocht, in bioplastic, dat dan nog wel.
Mocht je nu denken dat bioplastics beter zijn voor het milieu…. NEE.

Plastic is plastic, het enige voordeel van bioplastic is dat het spul gemaakt is uit hernieuwbare bronnen en niet oil based. Verder maakt het geen ruk uit, bioplastic vergaat ook niet zomaar en het spul is ook niet gemakkelijk te composteren.

Ik kocht de biokomkommer in z’n bioplastiek jasje maar ik voel me bekocht. ’t Was dat de tijd me ontbrak om naar een ongeklede komkommer op zoek te gaan en ik dacht, simpele ziel die ik d’r ben er beter aan te doen de biovariant te kopen.

Het enige voordeel: dat ik weer een boel heb bijgeleerd!

Ach, een mensch is nooit te oud om te leren.

 

Soort van budgetplanning

Nu niet meer maar het was in de magere jaren soms best wel knijpen om uit te komen met het huishoudgeld, ik blogde er voor mijn ‘radiostilte’ vaker over. En altijd als het niet kon lijden, ging er van alles stuk, u weet hoe dat werkt. De beste tip die ik toen eens kreeg en nog steeds toepas, was om wekelijks iets van de gebruikelijke benodigdheden aan te schaffen. Vaak, niet altijd kan een bedrag van een eurootje of twee er nog wel af en zo grijp je zelden mis.

Voor al dat kleine spul zoals een vaatkwast, een handdoek of een nieuwe spons gebruikte ik wekelijks een paar, toen nog guldens. En dat hield ‘k vol, ook in het eurotijdperk. Iedere week kocht ‘k voor ongeveer € 2,50 iets voor het huishouden of de kledingkast zoals onderbroekjes, een sjaal, handschoenen of sokken.

Zo’n bedrag kon meestal nog wel lijden en door dergelijke uitgaven wekelijks te doen, hoefden de kinderen niet met blote voeten naar bed – behalve als ’t voor straf was 😉 – en greep ik niet in de gaten in plaats van in een vaatdoek.

Datzelfde systeem paste ‘k toe bij kruiden, toiletartikelen, drogisterijartikelen, wasmiddelen en dergelijke. Je bent natuurlijk niet wekelijks nieuw vaatwasmiddel nodig of tandpasta maar door iedere week één of twee, ’n beetje afhankelijk van de prijs, van dergelijke artikelen aan te schaffen, zat ik nooit zonder.

Ook (kinder)kadootjes werden zo ingeslagen.

En als ‘k helemaal niets kon verzinnen om de voorraad op peil te houden kregen de kinderen een extra ijsje dan had ik een hele goedkope week 😉

Stemmen?

Morgen is het een democratische feestdag want we gaan, mogen, moeten, kunnen, zijn opgeroepen om te, willen (doorhalen wat niet van toepassing is) stemmen. Yeeeh!

Het is maar de vraag hoe democratisch de EU is en daarover kun je hele verhandelingen houden maar precies daar wil ‘k het eigenlijk niet over hebben.

Ik ben een pro-europeaan en zal dat blijven. Mijn beweegredenom voor Europa te zijn en te blijven is VREDE (in West-Europa, da’s wel een kanttekening van enig belang).

Het is natuurlijk heel bijzonder dat we 70 jaar lang geen oorlog meer kennen in deze contreien. Al 5 generaties (en dan reken ik voor het gemak even de generatie geboren tussen 1941 en 1955 mee, zij zijn weliswaar in de laatste wereldoorlog geboren maar hebben deze niet heel bewust meegemaakt) zijn opgegroeid zonder oorlogsgeweld te kennen. Van mijn vader, geboren in 1935, weet ik dat ie zich bijzonderheden herinnerde uit de oorlog, pas toen hij 10 was ging ie voor het eerst naar de basisschool (iets met inkwartiering in het enige schoolgebouw in ’t durp) en dat heeft grote impact gehad, mijn moeder daarentegen (1941) kon zich alleen maar herinneren dat ze als 4-jarige voor het eerst chocola kreeg. Zie hier een generatiekloofje 😉

Mij is nooit iets verteld over familieleden of ze goed of fout waren, ik heb geen idee of er NSB-ers tussen de familieleden zaten maar ook mogelijke heldendaden van familieleden zijn mij niet bekend. Er werd gewoon nooit over gesproken. Waar de familie wel druk mee was, was, godbetere het, een kerkscheuring tijdens de oorlogsperiode.

Ook daarover wil ‘k het nu niet hebben, wel dat er voor het eerst in de geschiedenis een lange tijd van vrede in Europa is. Dat is niet precies te danken aan de EU zoals de gemeenschap er nu uitziet maar aan z’n voorlopers en de politieke leiders van destijds die hardop zeiden:

Dat nooit meer!

Dat we met al onze verschillen toch een blijvende vrede in Europa kunnen behouden, daarom ga ik stemmen!

’t Is genetisch ;)

Ik ben wel van de snufjes op (elektrisch) huishoudelijk gebied. Voorbeelden te over van ooit eens aangeschafte en bijna even snel weer verpatste of weggegeven hebbedingen  omdat de apparaten niet precies deden wat ik ervan verlangde of het bij aankoop bedachte gemak wat ik ervan zou kunnen hebben een illusie bleek.

Rijstkoker, sapcentrifuge, pizzapan (iets uit een kerstpakket, dat dan weer wel) fonduestel (zo seventies ;)) maar ook een krultang of zelfs een stoomkoker, al deze apparaten heb ik ooit eens aangeschaft en uitgeprobeerd waarna ze vervolgens achter in de kast belandden om in de vergetelheid te raken.

Het zal genetisch bepaald zijn, mijn moeder was zo’n 50 jaar geleden, dolgelukkig met haar wanddroogkap, zo’n droogding voor heur haren. Iedere zaterdagmiddag kwam er een van haar zussen krullers in d’r haren draaien en dan zat ze zo een uurtje of twee onder dat lawaaiapparaat want loeien kon ie beter dan drogen en als mams d’r kapsel in de krul had voor de zondag dan was de zus aan de beurt. Het kwam zelfs voor dat alle drie haar zussen en zelfs oma langskwamen. Gerust hing dat apparaat dan de hele middag te drogen. Even narekenend besef ik dat mijn perceptie van tijd destijds niet helemaal accuraat was, want 5 mensen die allemaal zo’n twee uur onder een droogkap zaten, da’s tien uur dus niks een hele middag 😦
Natuurlijk was het de dames te doen om te besparen op de kapperskosten want wekelijks naar de kapsalon voor het wassen en watergolven (heette dat geloof ik) om op het paasbest ter karke te kunnen gaan, was ook toen al een pittige kostenpost waar je maar het liefst op bezuinigde. Bij het leegruimen van de ouderlijke woning, kwamen we het ding trouwens niet meer tegen. Net als andere apparaten waar m’n moeder niet zonder dacht te kunnen zoals een elektrisch mes en dat voor iemand die toen al, in de jaren 70, gesneden brood kocht. De elektrische koffiemolen werd nooit meer gebruikt toen ma eenmaal kennis had gemaakt met het eveneens elektrische koffiezetapparaat. Van de kruimeldief wilde ma trouwens geen kwaad woord horen, die gebruikte ze ook dagelijks.

Het blijkt dus dat ‘k genetisch behept ben met een voorliefde voor het uitproberen van ‘nieuwe snufjes’ die later toch niet jedat blijken te zijn.
Gelukkig dat ’t niet geheel en al mijn eigen schuld is 🙂

Droger of vaatwasser?

Droger of vaatwasser, onlangs deed ik mee aan een quizje waarin de vraag gesteld werd: welk apparaat neemt de meeste energie?

Ik ging voor de droger maar de quizmasters waarmee overigens niet gecorrespondeerd mocht worden, wezen mijn antwoord terug als zijnde een kapitale FOUT.  Okay dan, ik beweer niet de wijsheid in pacht te hebben en ’t zou zomaar kunnen zijn dat een vaatwasser meer energie verbruikt omdat ie meer gebruikt wordt. Dat kan ik me zelfs voorstellen (wij doen zonder vaatwasser dus ben ik niet ter zake kundig) gezien het feit dat zo’n ding waarschijnlijk dagelijks draait, zeker in een meerpersoonshuishouden en mijn droger draait gemiddeld twee keer per week, daar zal de besparing zitten. Let wel: dit is een aanname! En om dan met Knieperdochter te spreken:
Assumption is the mother of all fuck ups!

Om precies te zijn, als je bij aankoop van een tv alleen maar kijkt naar het jaarlijks verbruik, ben je niet goed bezig. Want… als jij de tv dag en nacht aanzet om je peuter rustig te houden (voorbeeld hè, dit is een voorbeeld, geen oordeel), geef ‘k je op een briefje dat je meer energie verbruikt dan wanneer je alleen maar GTST volgt en daarna de tv weer uitzet.
Het jaarlijkse verbruik van een koelkast daarentegen is vrij nauwkeurig te schatten, gesteld dat je het apparaat een jaar lang aan het stroom laat hangen.

Maar let op: energielabels gaan in de meeste gevallen uit van het efficiëntste gebruik, bij een vaatwasser is dat de eco-stand en voor een tv gebruikt de fabrikant meestal een maximale kijkduur van 4 uur per dag.
’t Is maar de vraag welke richtlijnen gehanteerd worden!

 

 

Oude pannen op inductie?

Sinds we in 2017 de zonnepanelen lieten plaatsen, liet ’t niet los; we wilden wel verder van ’t gas af ! Toen er begin 2018 nog eens weer een aardschok door de provincie beefde, besloten we er zoveel mogelijk naar te streven om zo weinig mogelijk gas te gaan gebruiken en met een overcapaciteit aan zonne-energie was de eerste keus om tenminste elektrisch te gaan koken.

Ik was ooit, nog steeds hoor, al heel enthousiast over mijn slow-cooker want het ding nam bijna geen stroom en dus informeerde ‘k verder naar de meest gunstigste manier van elektrisch koken. Voor mij draaide dat uit op inductie. Mijn moeder kookte in de vorige eeuw al elektrisch en daarmee was ik toen niet onverdeeld gelukkig; de keren dat de melk alsnog overkookte omdat ‘k de pit wel laag had gedraaid maar te weinig rekening hield met het na-ijleffect van het elektrisch koken, stonden me nog helder voor ogen. Nou nee niet precies dat, wel het schoonmaakwerk wat er naderhand achter vandaan kwam.

En zo moest er een inductieplaat komen. maar met zo’n plaat alleen ben je er niet, de meterkast moest omgebouwd en nieuwe pannen met magnetische bodem bleken noodzakelijk maar ik bleef twijfelen over mijn gietijzeren pannen. Ik had twee heel fijne braadpannen, gietijzer dus loeizwaar, en ‘k kon geen even fijne vervangers vinden. Ik besprak mijn ‘probleem’ met de elektricien toen ie de meterkast aanpaste en hij kwam met de onsterfelijke oplossing: Pannen waarmee je op gas kookt worden enigszins bol aan de onderzijde, dat gebeurt niet met gietijzeren pannen, de hitte voor je het ijzer kan gieten, ja hèhè we hebben ’t over gietijzer, is zoveel heter dan zo’n pan op het gas ooit kan worden, deze kunnen bijna niet vervormen!

Zo gebeurde het dat ‘k geen nieuwe braadpannen kocht, ‘k gebruik de gietijzeren pannen die al jaren gasgestookt waren, nu gerust op de inductieplaat.

En wat dachtjewat, geen centje pijn!

Dingen die ik niet meer koop

Sinds ‘k begon met bloggen, zelfs tijdens mijn ‘radiostilte’ is dat gebleven, is er een groot aantal artikelen wat ik niet meer koop, hieronder op min of meer alfabetische volgorde, bijeengeraapt.

Airwick strontspray (vrij naar Paul van Vliet)
Nepgeurtjes in ’t toilet, ‘k vind ’t niks maar omdat het in het toilet niet altijd naar viooltjes ruikt, is het wel fijn om al te penetrante geuren te maskeren. Wat ik daarvoor gebruik? Een paar takjes lavendel, zo uit de postzegel geknipt, een bakje gevuld met kweepeertjes ( van die kleintjes die je veel tegenkomt in stadsperkjes) of flesjes oude, bijna uitgewerkte parfum die als je het op de huid smeert niet meer zo fijn ruikt.

Kantoorlunches
Wij hebben geen kantine en dus ook geen hapklare broodjes op kantoor, als ‘k ze niet zelf smeer heb ‘k gewoon geen lunch. Heel af en toe loop ‘k nog wel eens naar de viskraam, op 200 meter afstand 😉 om in plaats van een bammetje een portie kibbeling te halen.

Schuursponsjes
Ik maak ze zelf door van sisaltouw rondjes of granny squares te haken. Goedkoop en  voorkomt (een klein beetje maar) dat minuscuul kleine plasticdeeltjes in het water terecht komen.

Stofzuigerzakken
Al sinds jaar en dag heb ‘k een stofzakloze stofzuiger, een verademing behalve wanneer je per ongeluk een hazelnoot opzuigt. Ik dacht van de week serieus dat ik om een nieuwe stofzuiger moest, zo erg ratelde het apparaat, het bleek een hazelnoot te zijn 😉

Vlekverwijderaars
Van die stiften waarmee je vlekken weg kan halen. Volgens de fabrikant en hun reclames heb je voor alle vlekken aparte stiften nodig terwijl je de meeste vlekken gewoon in de was, misschien even voorbehandelen met een beetje ‘vloeibaar’ wasmiddel of ‘ossengalzeep’, wel kwijtraakt.

Vliegenmeppers
Van de plastic dingen, die je al stuk hebt na twee muggen iets te hardhandig het hoekje om te hebben geholpen. Nee, ik maak gebruik van een ‘elektrische op een batterijtje’ vliegenmepper. Bijkomend voordeel: geen bloedspatten meer op je pasgesausde wanden of smerige vlekken op de ruiten.

Wattenschijfjes
Ook die haak ik zelf, niet met sisaltouw, zo dik smeer ‘k de oogschaduw niet ;), maar van breikatoen. Lekker zacht en gemakkelijk mee te wassen (in de wasmachien)

Wereldgerechten
Ik kocht al bijna nooit van die rommel maar nu helemaal niet meer, er zijn op het wwweb veel meer en lekkerder wereldgerechten te vinden dan de magere keuze in dure knorrige poeiertjes waar je dan een ‘gerecht’ van moet maken zonder de broodnodige ingrediënten, die moet je allemaal zelf nog toevoegen om dat gerecht te maken maar wel vergeven van zout, suiker en andere rommel andere vulmiddelen.

Zeep en Shampoo
Op gevaar af dat u nu denkt: die Kniepertie is echt wel een smeerpijp maar douchegel en shampoo koop ik ook niet, tenminste niet meer in plastiek flessen. Ik bestel mijn blokken zeep, jawel ook shampoo is in vaste vorm te koop, hier. Anita maakt al haar zepen zelf en indien gewenst kunt u ook katoenen wattenschijfjes zie hierboven, zij maakt ze ook, bij haar bestellen. Ik ben iig fan.

Heeft u ook artikelen die u niet meer koopt en waarom niet?