Oude gewoonten

Vroegâh, tenminste in m’n herinnering ging de kachel er op 1april, nee heus geen grap, uit.

En dat ‘er uit’ kon je letterlijk nemen, de hele kachel werd van de schoorsteen losgekoppeld en tijdens de zomerperiode opgeborgen in de schuur of zowat. Het betekende in ieder geval dat er meer leefruimte in de voor- en achterkamer was. In de zomer! terwijl het boerenleven zich vooral buiten afspeelde, huh!
En van zodra de kachel er uit ging, begon mijn moeder aan de grote schoonmaak! Dagenlang poetsen, stofkloppen, kastjes uitnemen, dweilen, vegen, stofzuigen tot zelfs het witten van beroette wanden aan toe, het hele huis werd met bezemen gekeerd. En zodra het ‘voorhuis’ schoon was, bedacht pa dat de koeien ook het land in mochten en daarna moesten de stallen ook nog schoon. Dat laatste ging iets ruiger: met de hogedrukspuit (dat vond ik, zo klein ik was wel leuk om te doen) en dan was half mei ook het ‘achterend’ schoon. In zo’n zes weken was de voorjaarsschoonmaak aan kant.

loesje

Mijn eigen voorjaarkriebels beginnen eerder, ik wil graag voor de eerste ‘warme’ dagen het huis ‘zomerklaar’ hebben, in plaats van mattenkloppend geniet ‘k liever in een luie zomerstoel zittend van het aprilzonnetje.
En als ’t binnenshuis al te koud wordt gaat de verwarming ook na 1 april nog gerust aan.

 

Advertenties

4 thoughts on “Oude gewoonten

  1. Willem schreef:

    Ook ik ben opgegroeid op een boerderij en herken wel het een en ander van wat je beschrijft. Behalve dat mijn moeder, als het enigszins kon, de ‘grote schoonmaak’ overliet aan een ander. Niet meer dan het noodzakelijke werd er gedaan. In haar zat in wezen veel meer boerenbloed dan huisvrouwenbloed. Als mijn vader een andere keus had gehad, was hij beslist geen boer geworden, maar als enig kind had hij verrekt weinig keus. Iemand moest de boerderij overnemen, zo was de traditie.
    Wat de kachel aangaat, die verdween inderdaad omstreeks deze tijd uit de ‘grote kamer’. In mijn herinnering met Pasen, niet op 1 april. Troost was dat we meestal huisden in de woonkeuken, waar zomer en winter een grote kookkachel brandde. Dus echt erg vonden we het niet.
    Als de koeien de wei in gingen, meestal eind april, begin mei, dan werd de stal schoongemaakt en de ligplaats van de koeien bedekt met heideplaggen. De muren werden schoongeschrobd met een borstel en sodawater, niks geen hogedrukspuiten, want die waren in de vijftiger jaren nog uitermate zeldzaam. Bovendien waren we noch op het elektriciteitsnet, noch op het waterleidingnet aangesloten. Boven ‘spathoogte’ werd de muur gewit en het onderste deel werd geverfd met ‘black varnish’; een soort teer dat gehaald werd bij de schilder, of de melkfabriek, dat weet ik niet meer.

  2. Dat de kachel zelfs compleet werd opgeborgen! Ergens ook wel mooi zo’n dramatische wisseling van leven en seizoenen. Ik doe nu de houtkachel ook niet meer aan, omdat ik zuinig wil zijn met het hout. Maar ook omdat het lente is.

  3. izerina schreef:

    En ook de winterkleding ging naar zolder,hoe koud het ook was

  4. Marijke schreef:

    Mijn oma, geboren 1910, borg ook in het voorjaar de kolenkachel op. Ze woonde niet op een boerderij, maar als de hele winter de kachel gebrand had, zag het huis er inderdaad niet meer uit, elk voorjaar werden de wanden en het plafond gewit. Grote schoonmaak was toen echt noodzakelijk. Zij had echter niet zoveel spullen zoals wij om schoon te maken. Ze bleef haar hele leven, ook toen ze allang geen kolenkachel meer had en alleen woonde, een heel strak schoonmaak schema trouw, waarbij bv bij het stofzuigen ook elke dag de bank van de muur af werd geschoven om eronder te komen. Pfffff

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s